Menu Sluiten

Verslag orgelreis 2026

Orgelreis naar Dresden en wijde omgeving

“Ik vind de Fluit 4’ in Alkmaar mooier,” hoorde ik iemand zeggen. Het vervolg kreeg ik niet mee, want op dat moment werd me de vraag gesteld of ik een verslagje zou willen schrijven voor de website. We stonden te wachten voor de deur van de Hofkirche in Dresden, alwaar we het imposante orgel zouden gaan beluisteren. We hebben het over de orgelreis van de Stichting Groningen  Orgelland naar Dresden en omgeving, inclusief een dagje Praag, van 21 tot 26 september.

Ik zei dat ik dat best wilde, maar dat ik de bijna afgelopen week geen logboek had bijgehouden. Het zou dus geen uitgebreide en doorwrochte reportage kunnen worden. “Dat hoeft ook niet; het gaat er om dat de lezers een indruk krijgen hoe het was…”

Het was dus een geweldige week. Min of meer bij toeval kwamen we er in het voorjaar met iemand over te spreken die het net iets voor ons vond, zo’n orgelreis, waarbij je elke dag een stuk of wat orgels bekijkt en beluistert. Ikzelf ben organist, groot muziekliefhebber, maar geen orgelfanaat. Ik zou bijvoorbeeld niet weten of de Fluit 4’ in Alkmaar echt zo veel mooier is dan welke Fluit 4’ dan ook, en mijn vrouw Gera, sopraan, is ook muziekliefhebster, maar nog minder orgelgek dan ik. Hoe zou dat gaan bevallen: orgels, en orgels, en nog meer orgels? Dat Praag er ook nog bij zat vonden we dan weer erg aantrekkelijk.

En het beviel dus heel goed. De organisatie had voor de ongeveer 50 reisgenoten (de luxe bus zat vol) een handzaam, overzichtelijk, en prachtig vormgegeven boekje gemaakt met beschrijvingen van de te bezoeken kerken en orgels. Zo kon je je steeds goed voorbereiden op wat je tegen ging komen. Van hele oude kleine eenklaviers instrumenten tot gigantische orgels met een desgewenst bulderend fortissimo.

Klik op de afbeelding voor een vergroting

Het mooie, het érg mooie zelfs, vond ik dat alle orgels werden bespeeld door Sietze de Vries. Dat was voor mij een groot deel van mijn motivering om mee te gaan! Het eerste orgel, in Zschortau (ergens halverwege, handig voor chauffeur Simon van Wattum in verband met zijn verplichte rustpauzes) was zo’n eenklaviers orgel. We begonnen met een demonstratie van de afzonderlijke registers. Interessant, maar in mijn ervaring vaak niet meer dan dat. Maar bij de eerste tonen van de Prestant ervoer ik wat ik de hele week zou ervaren: gewoon wat spelen, wat pingelen, oneerbiedig gezegd, doet Sietze nooit. Het zijn steeds mooie miniatuurimprovisaties die de specifieke eigenschappen van het bespeelde register laten uitkomen.

Zoals gezegd, ik had geen logboek bijgehouden, maar weet nog wel wat ik als hoogtepunten heb ervaren. Op dinsdag, in Chemnitz, hoorden we op het eind negentiende eeuwse orgel een improvisatie over ‘Morgenglans der Eeuwigheid’.

Dat was eigenlijk een misverstand: ik zag die morgen op mijn telefoon een mail met de liturgie voor een cantatedienst op zondag (het werk gaat gewoon door…) en daar stond gezang 213 op. Toen ik me hardop afvroeg wat voor lied dat was, werd dat begrepen als een verzoeknummer! Het werd een lang uitgesponnen muzikaal avontuur dat grote indruk maakte, en menig luisteraar wist te ontroeren.

Op woensdag waren we in de Frauenkirche in Dresden. Bij bombardementen in februari 1945, toen eigenlijk al wel duidelijk was dat de oorlog voorbij was, werd de stad door de geallieerden compleet in puin gelegd en ook de kerk stortte in. Vijfentwintigduizend mensen kwamen om. De overblijfselen van de kerk bleven tientallen jaren als gedenkteken staan. Na de Wende begon in 1994 de herbouw. In 2005 voltooide Alfred Kern & Fils een nieuw orgel, gebouwd achter een reconstructie van het front van het Silbermann orgel uit 1736. Onze groep was er tijdens een middagpauzedienst, waarin in totaal ruimte was voor 12 minuten orgelmuziek. Sietze vulde die in met mooie improvisaties over ‘Lobe den Herren’, dat we ook als kerkgangers met elkaar zongen. Bijzonder, en onbegrijpelijk, dat een stel, dat voor ons zat, tijdens zo’n muzikaal moment vond dat het wel genoeg geweest was, en de kerk verliet. Na de zegen hoorden we nog prachtige uitleidende muziek over hetzelfde lied, die grote indruk maakte. Daarbij hielp wellicht ook, dat we op die plaats en op dat moment orgelspel hoorden dat ook bedoeld was voor die plaats en die tijd: de liturgie van een eredienst.

Het was wel een beetje een domper toen, haast nog in de nagalm van het slotakkoord, een enthousiaste dame begon aan een referaat over de (her)bouwgeschiedenis van de kerk. Zeker interessant, en we bleven beleefd zitten luisteren, totdat de details nog gedetailleerder werden. Langzaam maar zeker hielden de meeste kerkgangers het voor gezien.

We gingen dus ook nog een dag naar Praag. Op donderdag. Dat was organisatorisch nog een behoorlijke klus geweest. In de Tynkerk hoorden we een improvisatie over een mij onbekende Psalm. Het bleek Psalm 10 te zijn. Ik ervoer dat het voor het luisteren wel wat uitmaakt of je een thema van een improvisatie kent of niet…

Vrijdag stond onder anderen Freiberg op het programma. In de Dom hoorden we het grote drieklaviers orgel en, na wat gezoek naar een sleutel, het kleine orgel. Frappant hoe dat kleine orgel de ruimte vulde.

‘s Avonds kregen we een onverwacht toetje. In het halfduister luisterden we in de Kreuzkirche in Dresden naar een wel heel bijzonder en erg groot instrument. Vier klavieren, 80 stemmen, met o.a. horizontale Trompetten, en naast de gebruikelijke kwint- en tertsregisters ook een ‘Septime 1 1/7’. Een uiterst complex geheel, met een zeer creatieve improvisatie, waarbij orgel en organist zelfs dreigden te gaan swingen.

En het was nog niet voorbij. Op zaterdagmorgen sloten we af in de Hofkirche. Er klonk een improvisatie over ‘Was Gott tut das ist wohlgetan’. Het grote balkon, en het feit dat we daar een groepsfoto maakten, bood ons de mogelijkheid de organist op vingers en voeten te kijken. Over hoogtepunten gesproken!

Op de terugreis deden we onderweg (de chauffeur kon weer rusten!) de St. Levinkirche in Harbke aan. Sietze was intussen afgereisd naar Passau voor een concert. Jochem Schuurman en Wietse Ouwejan (beiden organist, en de laatste tevens wandelende orgelencyclopedie) speelden in Harbke op fraaie wijze Böhm, Buxtehude en Sweelinck.

Kortom, een heerlijke week tussen liefhebbers en fanaten, fotografen en opnemers, amateurs en vakbroeders, met elke dag weer de mooiste orgelmuziek die je kunt bedenken: improvisaties. Het was een voorrecht om daar getuige van te zijn. Voor wie zich afvraagt hoe dat voelt: alsof je als fan van een groot artiest als Justin Bieber (nou ja, voor onze generatie misschien Paul McCartney) gewoon met hem mee kan reizen en kijken en luisteren hoe hij zijn muziek maakt. Zeer inspirerend!

Tot slot: veel dank! Aan organisatoren Ard Lukassen en Jan Smid (die ook nog eens voor een fantastisch hotel hadden gezorgd!), aan het duo Wietse en Sietse voor de informatie en de muziek, aan geweldige chauffeur Simon van Wattum, en zeker ook aan Jochem Schuurman die me in Praag behoedde voor verdwalen, na ons bezoek aan de Basiliek van Petrus en Paulus.

En toen de trein van Groningen naar Loppersum niet reed, bracht een reisgenoot uit Oldenzijl ons gewoon thuis…

Dank, driewerf dank!

Kees Steketee

De deelnemers aan deze editie van de orgelreis kunnen de geluidsopnamen per email opvragen bij Wybe Sierksma: wosierksma@nullgmail.com.